Invoedingstarief gaat energieprijs voor consumenten verhogen
Het invoedingstarief is een tarief dat je betaalt zodra je stroom met je zonnepanelen terug het net in stuurt. De zogenaamde invoedingstarieven zijn dus gewoon de terugleverkosten die we al kenden.
Wat is een invoedingstarief nu eigenlijk
In de huidige situatie rekenen netbeheerders vooral transportkosten over de stroom die je afneemt uit het net, niet over de stroom die je teruglevert. Bij een invoedingstarief komt daar een extra component bij, je gaat dus in feite betalen om je eigen overschot aan zonne energie kwijt te kunnen. Vanuit de ACM bezien is het idee op zich begrijpelijk, de kosten van het net zouden beter moeten aansluiten bij wie het wanneer en hoe intensief gebruikt. Met andere woorden, wie het net vooral volgooit op zonnige middagen, moet naar verhouding ook meer bijdragen aan de bijbehorende netkosten en uitbreidingsinvesteringen.
Waarom de ACM dit onderzoekt
De directe aanleiding is de toenemende piekbelasting door zonnepanelen op daken van huishoudens en kleine bedrijven. Netbeheerders investeren miljarden om het netwerk te verzwaren en die rekening moet ergens heen. Op papier klinkt het dus logisch om ook teruglevering te beprijzen. In de praktijk komt de klap echter vooral terecht bij een groep consumenten die heeft geïnvesteerd in verduurzaming. Brancheverenigingen in de energiesector waarschuwen dat een invoedingstarief de groei van zon op dak kan afremmen, doordat terugverdientijden langer worden en de businesscase simpelweg minder aantrekkelijk wordt. Je krijgt dan de vreemde situatie dat vooral de voortrekkers in de energietransitie worden geraakt, terwijl achterblijvers relatief buiten schot blijven.
Onzekerheid voor consumenten
De Nederlandse Vereniging Duurzame Energie NVDE is behoorlijk uitgesproken, er is volgens hen nog geen enkel ontwerp op tafel gelegd dat én eerlijk én effectief is. Telkens duikt hetzelfde probleem op, zodra je een generiek invoedingstarief invoert, raken vooral kleinverbruikers met zonnepanelen onevenredig hard, terwijl grote spelers makkelijker kunnen schuiven met flexibiliteit, opslag of eigen sturing. Daarbij tikt de klok, de ACM staat onder druk om te beslissen en de verleiding is groot om met een half uitgewerkt model live te gaan. Dat voelt toch een beetje als een ingewikkeld verwarmingssysteem afstellen terwijl de ketel al draait, je kunt de balans volledig kwijtraken. Voor consumenten met panelen betekent dit waarschijnlijk extra kosten per teruggeleverde kilowattuur en grotere onzekerheid over wat hun installatie over vijf of tien jaar nog oplevert. Voor huishoudens zonder zonnepanelen is het risico dat leveranciers en netbeheerders hogere algemene tarieven hanteren om de nieuwe structuur te dekken, waardoor ook zij indirect meer gaan betalen. Wat je nu al kunt doen, is je verbruik zo veel mogelijk verschuiven naar momenten dat je zelf produceert, eventueel later aangevuld met een thuisbatterij zodra die financieel en technisch echt logisch wordt. Maar hoe je het wendt of keert, in de huidige vorm dreigt het invoedingstarief de druk op de energierekening verder op te voeren, terwijl we juist een stabiel en voorspelbaar speelveld nodig hebben om duurzaam te blijven investeren.