Energie vergelijken & Energienieuws

30 procent van stroom in EU duurzaam opgewekt

30 procent van stroom in EU duurzaam opgewekt

30 procent van stroom in EU duurzaam opgewekt

Voor het eerst sinds er op Europees niveau precies wordt gemeten, kwam in 2025 een groter deel van de stroomproductie in de Europese Unie uit wind en zon dan uit fossiele brandstoffen. Samen leverden windturbines en zonnepanelen ongeveer 30% van alle elektriciteit in de 27 EU lidstaten, fossiele bronnen bleven daar net onder met 29%. De cijfers zijn afkomstig uit de nieuwste Europese Electricity Review van energiedenktank Ember en markeren een kantelpunt in de energietransitie, niet alleen symbolisch, maar ook economisch zeer tastbaar.


Kantelende stroommix

Wie de ontwikkeling van de afgelopen jaren naast elkaar legt, ziet een opvallende versnelling. Het aandeel van wind en zon in de Europese stroommix schoof in relatief korte tijd op van ongeveer een vijfde naar bijna een derde van de totale productie. Dat is geen boekhoudkundige schuifoperatie, maar een structurele verschuiving richting binnenlandse, grotendeels prijsstabiele opwek. De analyse heeft betrekking op het volledige jaar 2025 en omvat alle 27 lidstaten, waardoor tijdelijke weersinvloeden en seizoenseffecten grotendeels worden uitgefilterd.


Wind en zon breken record na record

In totaal wekten wind en bijna 30% van alle EU elektriciteit op en in 14 lidstaten lag de productie uit deze bronnen al boven die uit álle fossiele centrales samen. Vooral zon laat een indrukwekkende groei zien, met een productie van circa 369 terawattuur in 2025, grofweg een vijfde meer dan een jaar eerder. Het aandeel zonne-energie liep op naar ongeveer 13% van de Europese elektriciteitsmix en ging daarmee kolen en waterkracht voorbij. In Hongarije, Cyprus, Griekenland, Spanje en Nederland komt inmiddels meer dan een vijfde van alle stroom uit zonnepanelen, waarmee deze landen uitgroeien tot voorlopers in de Europese zonnemarkt.


Gas blijft pijnpunt

Kolencentrales raken duidelijk in de verdrukking. Het aandeel kolenstroom zakte in 2025 naar een historisch laag niveau van iets boven de 9% en in 19 EU landen speelt kolen nog maar een marginale rol. Dat betekent echter niet dat de fossiele afhankelijkheid verdwenen is. Door tegenvallende productie uit waterkracht nam juist de inzet van gascentrales toe, met ongeveer 8% ten opzichte van 2024. Het gevolg was een hogere gasimportrekening, rond de 32 miljard euro, en merkbare prijsopwaartse druk op de groothandelsprijzen voor elektriciteit in een groot deel van de Unie.


Gevolgen voor energieprijzen

Voor huishoudens en bedrijven is het beeld daardoor dubbel. Meer wind en zon drukken op de langere termijn de gemiddelde productiekosten, maar tijdens piekuren bepalen gascentrales nog vaak de marktprijs, met alle volatiliteit van dien. Beleidsmatig schuift de aandacht daarom steeds nadrukkelijker naar drie punten: verzwaring en digitalisering van het stroomnet, grootschalige opslag met batterijen en een slimmer sturingsmechanisme aan de vraagzijde. Die combinatie maakt het mogelijk een groter aandeel variabele hernieuwbare bronnen in te passen en tegelijkertijd de afhankelijkheid van duur, geïmporteerd gas verder terug te brengen. Voor de Nederlandse consument betekent dit dat ontwikkelingen in Brussel en op de Europese elektriciteitsmarkt direct doorwerken in toekomstige energietarieven en in de keuze tussen vaste of variabele contracten, iets om de komende jaren scherp in de gaten te houden.

0 reactie(s)

  • Er zijn nog geen reacties geplaatst bij dit artikel. Plaats jij de eerste?

Reageren